Het is goed bedoeld, de steun van delen van de bevolking voor immigranten. Zeker omdat een deel voor oorlogsgeweld vlucht. Een ander deel vlucht niet maar komt zonder actueel oorlogsgeweld naar ons land. Al decennia worstelen Europese landen met wangedragingen van vooral allochtone jongeren, in de media vaak met ‘jongeren’ aangeduid. Inmiddels zorgt een nieuwe generatie ‘jongeren’ voor problemen, zoals hun vaders 40 jaar geleden deden. Een oplossing begint met het bespreken van het probleem, maar dat is al decennia een taboe.
Wij hebben hier toch ook ‘kut-Marokkanen’, Rob Oudkerk 2002
Voormalig PvdA voorman en huisarts Rob Oudkerk vergaloppeerde zich in 2002 toen hij tegenover toenmalig burgemeester van Amsterdam Job Cohen zich negatief uitliet over Marokkanen. Toen de burgemeester aan Oudkerk de vraag stelde of een charismatische figuur als Pim Fortuyn in Amsterdam ook veel stemmen zou hebben behaald, antwoordde Oudkerk bevestigend met: “Wij hebben hier toch ook kut-Marokkanen.”
Dit is te lezen op nu.nl van 2002. Wat Oudkerk niet had opgemerkt is dat er een microfoon zijn opmerking opving. Een rel was geboren. Later zou hij in een interview zeggen dat het weliswaar “kut-Marokkanen” betreft, maar “het zijn wel onze kut-Marokkanen”, daarmee het opgelaaide debat temperend.
De problemen met Marokkaanse jongeren is niet nieuw. Ook is intimidatie en geweld op straat niet exclusief voor een deel van de Marokkaanse jongeren. Ook andere jongeren kan hetzelfde worden verweten, wel veelal met andere allochtone achtergronden. Met name meisjes en vrouwen worden vaak met beschimpingen geconfronteerd, of erger.
Het is algemeen bekend dat jongeren afkomstig uit landen waarin de vrouw een ondergeschikte, lees onderdanige, rol vervult, het meest vrouwonvriendelijke gedrag aan de dag leggen. Ook Syriërs of Somaliërs worden vaak in verband gebracht met intimidatie van meisjes en vrouwen.
De ooit bejubelde homo-emancipatie is deels teniet gedaan. De tolerantie in Nederland is dalende, zou uit onderzoek blijken. Dat het niet zozeer de houding van de autochtone Nederlander ten aanzien van homoseksualiteit is veranderd, maar dat de instroom van mensen uit homo-vijandige landen hieraan ten grondslag ligt, wordt vaak verzwegen.
Nieuwjaarsnacht 2015 in Keulen
Velen zullen zich nog de Nieuwjaarsnacht van 2015 in Keulen herinneren. Het was het jaar van “Wir schaffen das”, van toen kanselier Angela Merkel. Zij zette in 2015 de grenzen zonder beperkingen open voor immigranten uit heel Europa. Vooral veel Syriërs kwamen naar Duitsland. Naar schatting 800.000 tot 1 miljoen mensen passeerden in dat jaar de diverse Duitse grenzen.
De Nieuwjaarsnacht van 2015 werd letterlijk een nachtmerrie. De Zwitserse krant Neue Zürcher Zeitung (NZZ) kopte: “Duitsland betaalt een hoge prijs voor de valse tolerantie”. In die bewuste nacht vielen op oudejaarsavond in Keulen“hordes moslimmannen” vrouwen lastig. Berichten destijds spraken van meer dan duizend mannen. “Maar het debat over migratie en criminaliteit is niet op gang gekomen”, schrijft NZZ verder. Na aanvankelijke onderdrukking van de berichtgeving over de horrornacht werden op 6 januari erna, de eerste beelden vrijgegeven.
Volgens NZZ ging het om “rondhangende, agressieve jonge mannen, voornamelijk uit Noord-Afrikaanse en Arabische regio’s, die zich bezighouden met de verkoop en het gebruik van drugs, zorgen ervoor dat burgers zich steeds meer onveilig voelen.” NZZ spreekt in voornoemd artikel ’10 jaar na dato’ van “parallelle samenlevingen, mesaanvallen, geweld in de openbare ruimte – en de expliciete afwijzing van westerse waarden in bepaalde milieus.”
De zo gepropageerde ‘Willkommenskultur’ van Merkel liep door deze horrornacht al meteen grote averij op.
Toch is ook in Duitsland een eerlijke bespreking van de problemen met jongeren van allochtone afkomst, vooral dan uit Noord-Afrika of het Midden-Oosten, nog steeds met taboes omgeven. De media die bij het zoveelste incident weigeren de afkomst van jongeren te noemen, hebben daarmee bijgedragen aan het ‘verduisteren’ van het probleem.
Berlijnse politiecommissaris: de grens is bereikt
De hoogste baas van de Berlijnse politie Barbara Slowik, steekt haar onvrede ook niet langer onder stoelen of banken. In een documentaire van de omroep RBB zegt zij: “Ik denk wel dat er een grens is bereikt in termen van belastbaarheid.” Ook het lang verzwegen feit wordt nu door Slowik bevestigd: misdrijven worden overwegend door niet-Duitsers gepleegd. Haar kantoor is gevestigd in een zijvleugel van het in 2008 stilgelegde vliegveld Tempelhof. Dagelijks kijkt zij uit op het groeiende containerdorp voor vluchtelingen en immigranten op het vliegveld.
Onmiskenbaar feit is dat de toegenomen criminaliteit in de stad voor een groot deel is toe te schrijven aan de gestegen aantallen immigranten. Veel inwoners voelen zich niet meer veilig. Mensen moeten zich veilig kunnen voelen, aldus de politiechef: “Dit is belangrijk voor onze rechtsstaat en dus voor onze democratie”.

Amsterdam 2025: Bewoners bang om de straat op te gaan
Het Joris Ivensplein is een van de pleinen in het relatief nieuwe Amsterdamse stadsdeel IJburg. Een strak gebouwde wijk met een gemengd aanbod van woningen in de huur- en koopsector.
Bewoners van dit plein klagen in de media over onhoudbare toestanden op en rond het plein. Geweld, bedreigingen en vernielingen (brand stichten) zijn schering en inslag. Dit meldt De Telegraaf. Bewoners stellen in dat artikel “doodsbang” te zijn om de straat op te gaan, vooral ’s avonds.
De gemeente en de politie zijn bekend met de problemen, maar lijken er geen oplossing voor te hebben. De bewoners blijven achter met hun angsten.
Het probleem is niet nieuw; sterker het lijkt over te gaan gegaan van generatie op generatie getuige onderstaande artikel in de Leidse Courant van 23 december 1988.

Mislukte aanzetten tot debat
Hans Janmaat, Pim Fortuyn en Geert Wilders, alle drie in de hoek gezet als ‘racistisch’ of erger ‘fascistisch’, hebben het onderwerp onder de aandacht gebracht maar werden weggezet als ‘racistisch’ of zelfs ‘fascistisch’. Die laatste term wordt overigens gezien de historische oorspong in het Italië van Mussolini verkeerd gebruikt, maar dat terzijde.
Hans Janmaat (1934-2002) was de oprichter van de Centrum Partij, een rechtsconservatieve partij. Janmaat beschouwde de situatie rond Marokkanen in Nederland als een symptoom van een breder probleem met immigratie‑ en integratiebeleid, en pleitte voor een terugkeer naar een meer homogene ‘Nederlandse’ cultuur. Ook stelde hij dat de aanwezigheid van Marokkaanse gezinnen in bepaalde wijken tot sociale spanningen leidde en dat de overheid strengere maatregelen moest nemen om de ‘multiculturele samenleving’ af te schaffen. Zie ook het programma Andere Tijden.
Vervolgens was het de beurt aan Pim Fortuyn (1948-2002) die met zijn populariteit een groter publiek bereikte maar daardoor ook mediaal in een kwaad daglicht werd gesteld. Met uitspraken als “Godverdomme in mijn stad, Marokkaanse jongens, Turkse jongens, die niet die Turken, niet die Marokkanen beroven, maar u en mij, oude vrouwtjes.” en “We hebben godverdomme hier gewoon een vijfde colonne! Van mensen die het land naar de verdommenis willen helpen …” zette hij het immigratiethema op scherp. De weerstand die hij hiermee opriep voorkwam echter een zindelijk debat. De zittende partijen, met steun van de media, deden er ook alles aan om dat debat te frustreren.
Momenteel schreeuwt Geert Wilders, van de eenmanspartij PVV, al 25 jaar dat “dat tuig” moet worden aangepakt. Zijn ‘minder Marokkanen’ uitspraak bracht hem voor de rechter. De Hoge Raad bevestigde nog in 2024 dat Wilders’ veroordeling voor de beruchte
“minder Marokkanen”‑uitspraak uit 2014 blijft staan. De uitspraak zelf luidde: “Willen jullie in deze stad en in Nederland meer of minder Marokkanen?” waarna het publiek “minder, minder” scandeerde; Wilders antwoordde: “Dan gaan we dat regelen.”.
Ook in 2024 plaatste Wilders een bericht op X foto met de tekst: “Het land uit met dat tuig. En Halsema mag mee.”. Burgemeester Femke Halsema beschuldigde Wilders van discriminatie van zowel Marokkanen als moslims. Met dit verwijt blokkeerde ook Halsema een zindelijk debat over dit onderwerp. Overigens heeft Wilders met zijn harde uitspraken weinig tot niets bereikt. Sterker, zijn ongenuanceerde uitspraken hebben het tegenstanders van zo’n debat wel erg makkelijk gemaakt om een debat uit de weg te gaan.
Oud-woordvoerder van de Amsterdamse politie Klaas Wilting schreef naar aanleiding van nieuwe problemen met ‘jongeren’ (zie artikel uit De Telegraaf van 30 december jl.): “Loopt met jongeren in Amsterdam volledig uit de hand. Is niet nieuw is, al jaren ellende met jongeren, maar ’t wordt erger. Niet op één plaats, nee verschillende plaatsen. Ellende voor bewoners in die buurten. Oplossing? Zeker over de bol aaien.” (tekstueel aangepast, hier zijn tweet).
Ook Wilting vermijdt hier te vermelden dat het overwegend groepen zijn uit dezelfde allochtone groeperingen.
Een bewoner: bang in eigen buurt
Een oud-bewoner die IJburg na 15 jaar vanwege de problemen ontvluchtte meldt op haar website:
“We vervolgden onze weg en passeerden het multiculturele community center, aan de Pampuslaan, waarover ik een en al lofzang had gehoord. Dit buurthuis was door stadsdeel Oost voor de (criminele) Marokkaanse jongeren van de wijk bedacht en moest met allerlei ‘activiteiten’ een oplossing bieden voor de terreur, waaronder de bewoners en ondernemers rond de Pampuslaan al tijden leden. Terwijl ik voor het center stond, was ik verbijsterd over de staat waarin het inmiddels verkeerde: raam en glazen toegangsdeur ervan waren volkomen vernield. Binnen zag ik een Marokkaanse vrouw, die me een boze blik toewierp. Hier was kennelijk al heel lang geen journalist langsgelopen, dacht ik, terwijl het in IJburg toch stikte van de journalisten. De oorspronkelijke doelgroep van Marokkaanse jongeren waren eerder door de gemeente Amsterdam vanuit de slechtste achterstandswijken naar Amsterdam-IJburg overgeplaatst en behoorden tot de harde kern van probleemjongeren van Amsterdam.”
“De bewakingscamera’s aan de Pampuslaan die er begin 2022 waren geïnstalleerd, nadat criminele jongeren er al tijden de dienst uitmaakten, hingen er nog tot zeker december 2025. Een dag nadat ik dit gruwelijk mislukte community center had gefilmd, publiceerde Het Parool over de miljoenen euro’s subsidie die zoek waren bij onder andere dit center. Er waren twee mensen via stichting carabic aangehouden op verdenking van ‘subsidiefraude, verduistering van gemeentelijke subsidiegelden en witwassen’. Zoals een ander buurthuis in IJburg was het center binnen no time verworden tot crimineel hol.”
De volgende generatie
Het boven getoonde artikel uit de Leidse Courant uit 1988 toont aan dat onder Marokkaanse jongeren al langer veel misgaat. Intimidatie, minachting van blanke vrouwen, geweld en verschillende vormen van criminaliteit lijken van generatie op generatie over te gaan. De ‘jongeren’ van 1988 zijn nu bijna 40 jaar ouder en nu tussen de 50 en 70 jaar. Het zijn de vaders en moeders van de ‘jongeren’ die nu weer of nog steeds voor ellende zorgen.
Het integreren van mensen uit andere culturen en dan vooral uit het Westen vijandige culturen, is een bijna onmogelijke opgave, zo wijst de praktijk uit. En uiteraard zijn er voorbeelden genoeg van geslaagde integratie, van mensen die hun draai gevonden hebben, zich hebben ingepast in de Nederlandse samenleving zonder hun eigenheid op te geven.
Bij de veel Marokkaanse jongeren lijkt dat nu al meer dan 40 jaar niet te lukken. Ondertussen lijden bewoners in diverse steden onder hun gedragingen, bang in eigen buurt.
Het zou geslaagde bestuurders en politici van Marokkaanse afkomst sieren als zij het voortouw zouden nemen voor een diepgravend debat met de Marokkaanse gemeenschap, met de jongeren én hun ouders. Een debat dat een keer tot oplossingen moet leiden. Helaas beperken onze politici en bestuurders zich veelal tot zalvende woorden van ‘samen’, ‘iedereen mag er zijn’ of ‘inclusief’, of toveren zebrapaden om in ‘inclusiviteitskleuren’. Het zal niet de eerste keer zijn dat een persoon van allochtone afkomst demonstratief naast het inclusiviteits-zebrapad loopt.
Een passende aanpak bevrijdt ook al die Marokkanen die niet met deze overlastgevende en criminele bendes te maken willen hebben en af willen van het stigma dat ze hierdoor automatisch opgeplakt krijgen.
We zullen moeten erkennen dat we een structureel en ook generationeel probleem hebben met een deel van de Marokkaanse jongeren. De slachtoffers van de lakse houding van politiek en overheden verdienen nu eindelijk een oplossing. Zachte heelmeesters stinkende wonden.
Misschien dat oud-burgemeester van Rotterdam Ahmed Aboutaleb of de zittende burgemeester van Arnhem Ahmed Marcouch het voortouw kunnen nemen.
Geen woorden, maar daden, zouden ze in Rotterdam zeggen.



